Home  |  Kunstvervalsingen   |   Methoden om valse kunstwerken op te sporen  |  De thermoluminescentietest (TL-test)
Methoden om valse kunstwerken
op te sporen
De thermoluminescentietest (TL-test) als analyse-instrument
voor ouderdomsbepaling
.

Het principe van de TL-test is vrij eenvoudig. De aarde (dus ook klei) bevat radioactieve elementen en slaat energie op die afkomstig is van radioactieve straling. Wanneer een keramieken voorwerp, bestaande uit klei, gebakken wordt, verliest het haar radioactiviteit volledig.

 

Vanaf dat moment, is het voorwerp als het ware "gekuist". Daarna begint het opnieuw energie op te slaan, afkomstig van de radioactieve straling, waaraan alle voorwerpen blootgesteld zijn. Men gaat ervan uit dat die in de hele wereld dezelfde is. Het is nu mogelijk de opgenomen radioactieve straling te meten, waaraan het voorwerp blootgesteld is sinds het gebakken werd.

 

De meting van de hoeveelheid radioactieve straling, waaraan het voorwerp werd onderworpen, gebeurt door het meten van de hoeveelheid lichtstralen (of thermoluminescentie) die door de keramiek wordt vrijgegeven. Op deze manier kan men het tijdstip van het bakproces bepalen.

 

Deze test is dus een relatief goed middel om tot een datering van het bakproces te komen. Als parameters gelden de materie en het tijdstip van het bakproces. Alleen hiermee de authenticiteit bevestigen is niet helemaal juist. Er worden immers verschillende technieken gebruikt om de resultaten van een TL-test te beïnvloeden. Vervalsers doen er immers alles aan om de methode te omzeilen en zo hun vals stuk voor nieuw te laten doorgaan.

Nieuw keramiek wordt radioactief bestraald

Vroeger werden gevallen vastgesteld waarbij nieuwe keramiek radioactief bestraald werd, om zo te komen tot een test waarbij het voorwerp toch TL bezat. Deze techniek werd meer dan dertig jaar geleden al in Italië gebruikt bij vervalsingen van aardewerk. Probleem hierbij is echter dat de bestraling van de vervalsingen nooit zo gelijkmatig kan gebeuren als de natuurlijke bestraling. Zo kan het gebeuren dat een voorwerp dat stilistisch en historisch gezien 2000 jaar oud is, plotseling een TL-test krijgt waaruit blijkt dat het 5000 jaar oud zou zijn!

Kunstmatige bestraling + opwarming

De vervalsers hebben dus naar andere oplossingen gezocht. Eén van de gebruikte technieken is daarbij de kunstmatige bestraling van het voorwerp, gevolgd door een tot 150 0 C. Hierdoor zorgt men ervoor dat de afwijkingen bij de TL-test gereduceerd worden.

Archeologische resten

De techniek die echter nu het meeste gebruikt wordt, is de volgende. Men gaat op archeologische sites, in grafmonumenten etc… waardeloze scherven verzamelen. Deze scherven worden vermalen tot fijn stof en er wordt een bindmiddel gebruikt om een afgietsel samen te stellen.

 

Wanneer men dan een TL-test uitvoert, krijgt men een datering die wijst op een eeuwenoud voorwerp, hoewel het voorwerp nieuw is. Dit komt omdat de keramiek niet opnieuw gebakken wordt en de grondstof voor het voorwerp uit de juiste periode stamt.

Varianten

Er bestaan hier verschillende varianten op: vroeger werd een heel nieuw voorwerp samengesteld door het maken van een volledig afgietsel, nu gaat men meer minderwaardige of sterk beschadigde stukken samenbrengen om tot een voorwerp van een grotere waarde te komen. Hierdoor wordt de manipulatie beperkt en wordt het risico op ontdekking verminderd, doordat er minder bindmiddel gebruikt wordt.

Bindmiddelen

De soorten gebruikte bindmiddelen zijn trouwens ook geëvolueerd. Vroeger gebruikten de vervalsers veelal organische bindmiddelen, zoals hars. Dit verzwaart echter het voorwerp en maakt het pseudo-antieke voorwerp minder poreus, wat de kans op ontdekking vergroot. Men is dan ook overgegaan tot het gebruik van niet-organische bindmiddelen, zoals pleisterkalk of cement. Dit heeft voor de vervalsers verschillende voordelen: met de juiste dosering, verzwaart het de keramiek minder. En bij chemische analyses kan de aanwezigheid van die bindmiddelen moeilijker aangetoond worden.

Samenwerking tussen laboratoria en vervalsers?

Een bijkomend probleem in het gebruik van TL-tests als authentificatie-instrument, vloeit niet voort uit het genie van de vervalsers zelf, maar ligt in de kwaliteit van de tests die door sommige laboratoria uitgevoerd worden. Waar men bij bepaalde laboratoria er nog van kan uitgaan dat de problematische testresultaten voortkomen uit onkunde of simpel winstbejag (een klant hoort immers niet graag dat zijn stuk niet-authentiek blijkt!), moet men zich bij andere laboratoria (vooral in Hongkong!) toch de vraag stellen of er geen regelrechte samenwerking bestaat met de criminelen die profiteren van de verkoop van vervalsingen.

 

Het gebruik van TL-tests als authentifiteitscertificaten, is dan ook niet afdoende genoeg. Het bovenstaande heeft duidelijk gemaakt dat deze TL-tests een goede indicatie kunnen geven van de ouderdom van het voorwerp, aangezien vervalsers erin slagen deze test te misleiden.

 

 

© Copyright by Axel Poels
Hoofdinspecteur van de dienst kunstcriminaliteit van de Federale Politie te Brussel
Naar de vorige pagina Copyright ©  2000 - ---  Antiekexpertengroep  ---  Alle rechten voorbehouden Naar de volgende pagina