Modernisme

Modernisme   (1880-1940)

De belangrijkste designbeweging van de 20e eeuw, het modernisme, ontstond naar aanleiding van de toenemende industrialisatie in de 19e en de 20e eeuw. Na de oorlog, toen de beweging nieuwe impulsen kreeg, werden modernistische theorieën en principes bij het plannen en herbouwen van veel Europese steden steeds invloedrijker. Een aantal ethische discussies bereidde de weg voor de ontwikkeling van het modernisme, zoals Nikolaus Pevners beschreef in zijn originele boek Pioneers of the Modern Movement (1936). Onderliggende principes van het modernisme zijn het best vertegenwoordigd in het werk van Le Corbusier. Andere belangrijke vroege modernisten zijn Adolf Loos, Peter Behrens, Walter Gropius en Ludwig Mies van der Rohe.

De ontwikkeling van Fagus-schoenenfabriek: Walter Gropius en Adolf Meyer. Hun fabriek geldt in de geschiedenis van de moderne architectuur nog steeds als groot voorbeeld. Het modernisme wordt vaak verklaard aan de hand van de architectuur, die aangeeft dat de architectuur in die tijd in hoger aanzien stond dan vakmanschap en vormgeving. Toen men besefte dat de hoog- Victoriaanse stijl uit die tijd het gevolg was van corruptie en hebzucht, namen de vroege pioniers van het modernisme, William Morris en A.W.N. Pugin, het initiatief om de samenleving te hervormen door een nieuwe benaderingswijze van design: goed ontworpen van producten voor dagelijks gebruik.

Hoewel beiden pleitbezorgers waren van ambachtelijkheid boven industriële productie, vonden ze ook functionaliteit, eenvoud en bruikbaarheid van het ontwerp essentieel. Bovendien benadrukten ze dat het de morele verantwoordelijkheid van ontwerpers en fabrikanten was om zulke goederen te produceren. Met dit als uitgangspunt kon design gebruikt worden als een democratisch middel voor sociale verandering en dit zou van fundamentele invloed zijn op de ontwikkeling van het modernisme.

In Ornament und Verbrechen (Ornament en misdaad) legde auteur Adolf Loos een verband tussen excessieve decoratie en de verwording van de samenleving. Form ohne Ornament (Vorm zonder ornament) legde juist de nadruk op de kracht van simpele, rationele vormgeving. De stijl wilde decoratie uitbannen en constructivisme en futurisme verheerlijkten de machine. Onder leiding van Walter Gropius werd het Bauhaus opgericht om eenheid te brengen in de kunsten en om de hervormingsidealen van het modernisme in de praktijk te brengen. Door functionaliteit en het gebruik van eersteklas materiaal en industriële methoden had het Bauhaus een enorme impact op het modernisme. Er werd een nieuwe designtaal gecreëerd die overal doordrong, van interieurs en meubilair tot metaalwerk, keramiek, grafiek en architectuur.

In 1927 ontstond de Internationale stijl binnen het modernisme. Met Le Corbusier als voorvechter waren het minimalisme en de industriële stijl slechts twee modernistische onderverdelingen die kenmerkend waren voor deze nieuwe reductivistische machine-esthetiek.

De mode in de jaren 30 werd ook beïnvloed door de internationale stijl, die geometrische abstractie tot in het extreme doorvoerde en voor puur stilistische doeleinden industriële materialen gebruikte in een strenge vormgeving. Hierdoor verloor het modernisme algauw zijn oorspronkelijke ethische betekenis. Dit betekende echter nog niet het einde, want het modernistische stokje werd overgedragen aan Scandinavische ontwerpers als Alvar Aalto, die door zijn pionierswerk in Organic Design aan de vormgeving een menselijker gezicht gaf. Hij inspireerde een hele nieuwe generatie modernistische ontwerpers.

De internationale stijl die de Amerikaanse architectuur in de jaren 20 en 30 domineerde, is een voorbeeld van hoe het modernisme zich sindsdien heeft gemanifesteerd in verschillende regionale stromingen, van het brutalisme tot het Rectilinearisme. Het modernisme had geen manifest zoals de meeste stijlen en er waren ook geen ‘leden’. Het bestond uit verschillende mensen die verbonden waren door dezelfde waarden en een gemeenschappelijke esthetiek. De modernistische visie op moderniteit en zijn passie voor het uitproberen van de nieuwste materialen en technologie werden zichtbaar gemaakt in een eenvoudig ontwerp, een gladde afwerking, minimale modellering, geen aangebrachte of integrale versiering en het gebruik van witte ruimtes.

Belangrijkste kenmerken

  • Onversierde, simpele vormen
  • Gladde afwerking
  • Minimale opsmuk
  • Het modernismeontstond door de verdere industrialisering en was de belangrijkste designbeweging van de 20e eeuw
  • Het idee dat design gebruikt kon worden als democratisch instrument voor sociale verandering had een fundamentele invloed op het modernisme
  • Overdreven versiering werd in verband gebracht met de verwording van de samenleving; er werd nadruk gelegd op de waarde van eenvoudige rationele ontwerpen die geschikt moesten zijn voor industriële productie
  • Het modernismewilde de nieuwste materialen en technologie gebruiken en velen vonden dit de beste design taal voor het machinetijdperk

Trendsetters, Actoren

Reageren is niet mogelijk