Ivoor

De malafide handelaars, gebruiken volgende trucs bij het verhandelen van ivoren voorwerpen:

Kunstmatig ivoor

Bij het aankopen van voorwerpen in ivoor, moet men er altijd voor beducht zijn dat het niet gaat om kunstmatig ivoor. Ivoor is een organisch materiaal (afkomstig van dieren), terwijl kunstmatig ivoor een mengsel is van lijm, plastic en ivoorpoeder. De beeldjes in ivoor worden gebeeldhouwd en gepolijst, terwijl een object in kunstmatig ivoor in een vorm gegoten wordt.

Er bestaan verschillende manieren om kunstmatig ivoor van echt ivoor te onderscheiden. Om te beginnen heeft authentiek ivoor een nerf structuur, die heel moeilijk na te maken is. Daarnaast is het mogelijk het verschil bloot te leggen, door een warme naald op de materie te drukken: bij de authentieke stukken kan men deze naald niet in de materie steken en bij de kunstmatige wel. Bij de recente kunstmatige stukken, die steviger zijn, zal u een geur van verbrand plastic herkennen.

Nijlpaard- of walrusivoor & olifantenivoor

Soms wordt het (veel goedkopere) nijlpaard- en walrusivoor verkocht als olifantenivoor. Het is veel moeilijker om hier een verschil te maken, maar werken in olifantenivoor worden meestal in één stuk gemaakt, terwijl het werk in nijlpaard- en walrusivoor uit samengestelde stukken bestaat. Vermelden we ook dat er ook nog mamoettand bestaat, die donkerder is dan ivoor.

Sculpturen in been

Sinds een vijftiental jaar, worden er verschillende sculpturen, die uit dierenbeenderen gemaakt zijn, op de markt gebracht als ivoren stukken. Men kan ze onderscheiden van echt ivoor door kleine zwarte puntjes in de structuur en de afwezigheid van nerven.

We vermelden hier ook een oplichtingtruc waarmee Franse oplichterbendes slagen erin waardeloze voorwerpen, zogezegd in jade en ivoor te verkopen aan nietsvermoedende slachtoffers en hen op die manier vele euro’s te ontfutselen.

Rondreizende handelaars

Er bestaan vele varianten op de klassieke werkwijze, maar meestal start de affaire met een rondreizende handelaar (dikwijls in oosterse tapijten), die het vertrouwen wint van potentiële slachtoffers. Op een gegeven ogenblik vertrouwt hij hen een collectie Chinese beelden in “jade” en “ivoor” toe, zogezegd gewoon om enkele dagen te bewaren.

Vervolgens duikt “geheel toevallig” een kunstexpert op, die de slachtoffers van de enorme waarde van de stukken overtuigt.

De eerste oplichter komt opnieuw bij de slachtoffers aankloppen en hoort met “verbazing” aan dat een expert de beeldjes zo hoog in waarde geschat heeft. Hij brengt hen op het idee om zelf te investeren in de handel en om meteen daarop de beelden met grote winst verder te verkopen via de expert.

Zodra de daders het geld in handen hebben, duiken er allerlei “onvoorziene” complicaties op: de expert belandt bijvoorbeeld in het ziekenhuis of wordt in het buitenland gearresteerd. Uiteindelijk verdwijnen alle betrokkenen spoorloos en blijft het slachtoffer achter met duur betaalde beelden van inferieure kwaliteit. Veel slachtoffers dienen geen klacht in, omdat ze zich ofwel van geen kwaad bewust zijn, ofwel zwart geld geïnvesteerd hebben ofwel gewoonweg de beschaamd zijn omdat ze met open ogen in de val gelopen zijn.

 

 


© Copyright by Antiekexpert Karel Waegemans en
Axel Poels 
Hoofdinspecteur van de dienst kunstcriminaliteit van de Federale Politie Brussel

Reageren is niet mogelijk