Meubilair

Bloeiende kopie-industrie in Azië

Er is in Azië een bloeiende industrie ontstaan van kopieën van meubels uit de bloeiperiode van de Franse meubelkunst (17de – 18de eeuw). Het gaat hierbij meestal om meubels die duidelijk te onderscheiden zijn als kopie en die ook als dusdanig verkocht zullen worden in decoratiewinkels. Toch moet men voorzichtig blijven, want occasioneel worden dergelijke meubels aan de man gebracht als authentiek.

We mogen daarbij ook niet vergeten dat in Azië niet alleen kopieën gemaakt worden van onze westerse antieke meubels. In de Chinese provincie Guangdong worden aan de lopende band “antieke” Chinese meubels geproduceerd. De kopieën worden zo goed, dat het bijna onmogelijk wordt om het verschil te zien tussen een echt antiek stuk en een gisteren in elkaar gezette kast, indien men ze niet uit elkaar haalt (wat natuurlijk niet altijd evident is).

Het wordt al moeilijker wanneer we te maken hebben met kopieën uit de 19de eeuw van meubels uit de 17de en 18 de eeuw. Immers, met de opkomende industrialisatie en uit liefde voor de voorbije historische periodes, is men massaal “meubles de style” gaan maken. Dit tegenover de “meubles d’époque”, die qua stijl- en sierkenmerken en stijltechnieken stammen uit de periode, waarnaar de stijl van het meubel verwijst. Het kenmerkende patina uit deze periode en de verweerde oppervlakte geven ook vaak uitsluitsel uit welke periode het meubel komt.

Dikwijls heeft men te maken met een halfvervalsing. Het is immers niet ongewoon om uit verschillende meubels een nieuw meubel samen te stellen of stukken uit authentieke oude meubels te vermengen met pas gemaakte onderdelen.

Eerste regel is dan ook: kijk goed naar de coherentie van de stijlkenmerken, de siertechnieken, de gebruikte materialen zoals houtsoort(en), en het bronzen beslag. Zetels en commodes worden het meest vervalst. Wanneer we een aankoop overwegen van een authentieke zetel of commode uit de 17de of 18 de eeuw, moeten we er dan ook altijd voor beducht zijn dat het mogelijks om een kopie kan gaan.

Wormgaten

Met zeer fijne puntige objecten worden valse wormgaten gemaakt in meubels. Dit is vrij gemakkelijk te onderzoeken. Echte wormgaten zijn nooit rechtlijnig, terwijl vervalste wormgaten meestal loodrecht in het houtoppervlak geboord zijn. In valse wormgaten kan je een naald dieper insteken. Meubels kunnen dus authentieke delen met echte wormgaten en nieuwe delen met valse wormgaten hebben. Wees dus op uw hoede.

Patina van het hout

Er zijn verschillende manieren om hout een oud patina te geven. Met chemische producten, zoals ammoniak en caligène wordt eikenhout kunstmatig verouderd. Soms wordt ook cichorei gebruikt om het hout donkerder te maken.

Slijtage

Het is evident dat een meubel gebruikt is en dus tekenen van slijtage vertoont. Vooral de poten en de laden zien fel af door het dagelijkse gebruik en zijn dan daarom het meest afgesleten. Slijtage kan je nabootsen door met schuurpapier de poten en de schuifoppervlakken van de laden te bewerken.

Het gebeurt ook dat met een sleutelbos of met kettingen meubilair bewerkt wordt om krassen en deuken te simuleren. Ze laten een gelijk patroon na en zijn over het algemeen te talrijk aangebracht. Dit wijst op vervalsing. Hetzelfde geldt voor de beschadigingen die aangebracht worden op de “sierlijsten” van zitmeubilair. Slijtage door wrijving van kledij haalt hooguit een beetje patina weg, schuurpapier haalt ook het hout weg.

Moderne technieken en materialen

Tot in de 18de eeuw werd het meubel volledig met de hand gemaakt. Zaag- en schaafsporen zijn dus onregelmatig. Wanneer een binnenoppervlak volledig glad is en de zaagsporen regelmatig wijst dit op een 19de eeuws meubel of later. Oude schuiven (1500-1650) werden met grote zwaluwstaarten in elkaar gezet op de hoeken. Hoe jonger een meubel is hoe kleiner en talrijker de zwaluwstaarten worden.

Oude nagels werden gesmeed, oude vijzen werden gevijld, hun vorm is dus nooit gelijkvormig. Moderne nagels en vijzen worden getrokken uit draad en zijn steeds gelijk. Zo kan je ze herkennen. Soms worden oude vijzen en nagels herbruikt door vervalsers. Anderzijds worden nieuwe bekledingen met nieuwe nagels bevestigd op oud zitmeubilair.

Het is ook belangrijk naar de maten te kijken. Oude meubels werden altijd afgemeten volgens de oude maten: een duim (2,54 cm) en een voet (33 cm). Een oude marmer is dikker en achteraan gekapt, dus ruw. Een nieuwe marmer is dunner en achteraan gezaagd, dus fijner van oppervlakte.

Merktekens

Al te veel worden de merktekens (estampilles) gezien als een bewijs van authenticiteit. Het gebeurt immers regelmatig dat een authentiek oud meubel een niet-authentiek merkteken toegevoegd krijgt van een grote meester (zoals Jean-François LELEU). Gelukkig zijn in het stadsarchief van Parijs de oude loden afdrukken van bijna alle meesters bewaard gebleven. Nazicht op letterype, vorm en grootte is dus mogelijk.

 


© Copyright by Antiekexpert Karel Waegemans en
Axel Poels 
Hoofdinspecteur van de dienst kunstcriminaliteit van de Federale Politie Brussel

Reageren is niet mogelijk