De provenance van het kunstwerk

Een groot deel van het authentificiëringsproces en van een goede expertise, berust op het reconstrueren van de “provenance” of de afstamming van een kunstwerk. Dit betekent de zoektocht naar de vorige eigenaars en/of plaatsen waar het werk tentoongesteld of verkocht werd.

We kunnen het belang hiervan niet genoeg benadrukken. Iedere koper of handelaar zou veel meer moeten vragen dat de verkoper een duidelijke afstamming van het kunstwerk kan geven. Het is meestal hier dat oplichters ontmaskerd worden. Om hun oplichting bloot te leggen, moet men echter wel een beetje opzoekingswerk verrichten om de verstrekte gegevens te checken. In het geval van het slachtoffer van de aankoop van het “Portret van Mevrouw Stokis” zich heel wat ellende kunnen besparen, indien hij op zoek gegaan was naar het bestaan van de collectie van éné René Stokis.

Wij weten ook wel dat het niet altijd even gemakkelijk is en de potentiële kopers van kunstwerken moeten geen inspecteurs worden die een diepgaand onderzoek gaan voeren naar de juistheid van de verstrekte gegevens, maar in veel gevallen en vooral als het om minder dure werken gaat, wordt er gewoon geen informatie verstrekt of is de verstrekte informatie zo summier dat ze gemakkelijk na te trekken is.

Dat men zelfs bij een grondig onderzoek van verschillende bronnen in archieven van musea toch nog moet opletten, bewijst de ongelooflijke fraude van het duo Myatt-Drewe. John Myatt, een man van twaalf stielen en dertien ongelukken, had in 1986 een advertentie geplaatst in een Londens magazine, waarin hij de verkoop aanprijst van “19th- and 20th- Century fakes for $ 240”. Hij wordt onmiddellijk gecontacteerd door éne John Drewe. Drewe (geboren als John Cockett) brengt de vervalsingen van Myatt (werken van o.a. Braque, Matisse, Giacometti) in grote veilingzalen binnen en slaagt erin ze te laten verkopen voor grote bedragen, ondanks het feit dat ze allemaal geschilderd zijn met een gewone huishoudverf (pas sinds 1960 op de markt).

Zijn truc is dan ook magistraal, via donaties en leugenachtige verklaringen, slaagt hij erin toegang te krijgen tot het archief van de Tate Gallery en het Victoria & Albert Museum (sommigen vermoeden ook het Moma in New York). Gedurende tien jaar, past hij de archieven van deze musea aan: hij voegt valse informatie toe over de afstamming van de schilderijen door Myatt gemaakt, slaagt erin foto’s van deze schilderijen in bepaalde oude verkoopcatalogi toe te voegen.

Verblind door deze bijna perfecte “provenance” beginnen gereputeerde veilinghuizen, zoals Sotheby’s en Christie’s, de vervalsingen van de hand van Myatt te verkopen als authentieke werken. Uiteindelijk wordt Drewe verraden door zijn ex-vriendin en bekent Myatt alles aan de Londense politie.

 

 


© Copyright by Antiekexpert Karel Waegemans en
Axel Poels 
Hoofdinspecteur van de dienst kunstcriminaliteit van de Federale Politie Brussel

 

Reageren is niet mogelijk